Waarom de één meer kan hebben dan de ander

Het einde van het voetbal seizoen nadert. De competitie in Nederland is gespeeld. Ook de nacompetitie zit er op. Voor een enkele gelukkige voetballer volgt er nog het EK: zijn land is wel geplaatst. In de laatste weken valt mij op dat spelers sneller uitvallen of blessures oplopen. Is het seizoen te lang? Als ik de kenners mag geloven zijn het vaak te veel wedstrijden en te weinig herstel. Maar waarom heeft de ene speler hier wel last van en de andere niet?

Waarom kan de ene werknemer meer hebben dan de ander?

We kunnen dit verschijnsel in de voetbalwereld immers best vertalen naar de werkvloer. In een drukke periode zet de één gemakkelijker een tandje bij dan de ander. De één houdt langer vol dan de ander. Hoe komt het dat we niet allemaal evenveel kunnen hebben?

Dat ligt natuurlijk aan de balans werk-privé! Toch??

Thuis hebben we het druk. Een huis kopen, kinderen, scheiding, voor het eerst samenwonen, schulden, ziekte van een huisgenoot, sociale contacten en ga zo maar door. En op het werk hebben we het óók druk. Bovendien werken veel mensen niet meer van 9 tot 5. Ook ’s avonds zitten we nog éven te werken. Veel werkgevers die ik spreek, vertellen dat hun werknemers uitvallen omdat de emmer overloopt. Moet je als werkgever meehelpen aan een goede balans in werk en privé?

Kijk eens naar de balans inspanning-ontspanning.

Als je heel druk bent op je werk én heel druk privé, dan heb je wel een werk-privé balans, maar geen prettige situatie. Aan de andere kant geldt dat als het privé rustig is en je het druk hebt op je werk, dit best een prima balans kan zijn. Het is slimmer om te kijken naar de balans inspanning-ontspanning dan naar de balans werk-privé. Of het nou gaat om werk of privé: de boog kan immers niet altijd gespannen staan.

Vooral mentale overbelasting is een lastig punt.

Voetballers die lichamelijk teveel vragen van zichzelf, krijgen blessures. Als wij lichamelijk overbelast worden, trappen we ook op de rem. En we gaan naar de fysiotherapeut, bijvoorbeeld. Als ons hoofd overbelast is, kunnen we ons moeilijker concentreren. Maar zoeken we dan ook hulp?

Laat de hoeveelheid tijd leidend zijn, niet de hoeveelheid werk.

Als we een grote hoeveelheid mentaal werk moeten doen, zijn we alsmaar druk om ons werk af te krijgen. Het probleem is alleen… het komt nooit af! We hebben altijd meer tijd nodig dan dat we hebben. Is dat nou een probleem? Of juist een oplossing? Als we nu eens omdenken. Als we nu eens de hoeveelheid tijd leidend laten zijn in plaats van de hoeveelheid werk…

Bepaal hoeveel tijd je waaraan wilt besteden.

Hoeveel tijd wil je privé besteden? En hoeveel tijd wil je werken? Hoeveel tijd kun je ingespannen bezig zijn? Hoeveel tijd heb je nodig voor ontspanning? Zo creëer je een goede balans.

Hoe zorgen uw werknemers voor de juiste balans?

Wil je je als werkgever bemoeien met die lastige scheidslijn tussen werk en privé? Vraag dan eens hoe uw werknemer zorgt voor in- en ontspanning op het werk. Maar ook hoe uw werknemer privé voor deze zaken zorgt. Werk kan zelfs zorgen voor ontspanning! Vindt u het lastig om dit soort vragen te stellen? Of wilt u van gedachten wisselen? Neem gerust contact met mij op.

En is dat voetbalseizoen nou echt te lang? Of heeft de ene speler misschien meer balans in zijn inspanning en ontspanning dan de ander…?

Luuk Olink
Arbeidsdeskundige